zaterdag 15 februari 2025

De app, de dobbelsteen en het stokje

We weten het, mensen vinden ons saai. Want iedere zondag wandelen is saai. Laten wij dáár nou anders in wandelen.
    ,,Waar zullen we onze benen eens strekken?”, klonk manlief vorige week. Zijn vraag verraste me. Zijn benen reikten van zijn love-seat tot mijn love-seat. Niet dat die seats zo ver uit elkaar staan. Ze staan in een haakse hoek bij elkaar. Manlief lag echter zo diep onderuitgezakt dat uit zijn seat komen een workout op zich leek.
    Oh ja, je leest het goed. Twee love-seats. We zijn de tijd van één seat voorbij gewandeld. Eén van ons moet er niet aan denken om de hele tijd iemand aan haar lijf te voelen en de ander wil alleen maar languit liggen. Kijk die lange poten.
    Geen zorgen, we vinden elkaar iedere avond in de hoek van onze bank en kijken samen een of andere serie. Straks Flikken Maastricht, spannend!

Aankleden
Eerst dit:
    ,,Waar zullen we onze benen eens strekken?”, vroeg Manlief dus.
    ,,Eigenlijk wil ik in de buurt blijven. Utrecht?” Hierop keek Marcel wat sloom uit zijn ogen. ,,Vind je dat saai? Vergis je niet. Utrecht verveelt nooit. Dat weet je.” Dat klonk als zijn wake-up call. Meneer hees zich getrainder dan ik verwachtte uit zijn seat. Hij stond al aangekleed en al bij de deur te trappelen, terwijl ik mijn wandelsokken nog van de waslijn ontknijperde, een dot extra leave-in in mijn haar kneedde en het kleinste kamertje nog even van binnen bekeek. Daarna trok ik mijn schoenen, jas en toebehoren aan en stond alles bij elkaar net op tijd buiten. Anders was Marcel opnieuw languit op zijn seat gezakt. Geen app die hem er dan uit kreeg.

App
Na een treinreisje en lunch, vonden we onszelf op de oude gracht terug.
    ,,Welke kant willen we op?”, vroeg ik waarop manlief links en rechts keek.
    ,,We zijn alle kanten al eens op geweest,” antwoordde hij, waarna hij zijn phone uit zijn jaszak peuterde. Hij ontgrendelt die en zei: ,,We staan voor de HEMA in Utrecht, gaan we links of rechts?”
    ,,Dat hangt af van waar je naartoe wilt,” antwoordde chatbot Gemini.
    ,,Nee, jij moet zeggen waar we heen gaan. Wij willen wandelen door Utrecht,” stelde Marcel helder.
    ,,In Utrecht kun je verschillende wandelroutes volgen. Bij de VVV…”
    ,,Nee!”, klonk Marcel resoluut. ,,Jij moet ons zeggen links of rechts te nemen.”
    ,,Dat hangt ervan af. Wil je een culturele, culinaire of historische route?”
    ,,Weet jij nou alles of niets?”, klonk Marcel boos en keek gefrustreerd naar zijn phone. ,,Geef me gewoon een richting. We hebben geen doel.”
    ,,Links,” klonk eindelijk.
    ,,Was dat nou zo moeilijk?”, verzuchte Marcel gericht naar zijn phone.

Dobbelsteen

Nadat Gemini ons twee keer links stuurde, lachte ik hard.
    ,,Nog één keer links en we staan weer voor de HEMA.”
    ,,Tot zover Gemini, ik ben door de gebruikstijd heen,” zei Marcel kijkend naar zijn scherm.
    ,,Steen-papier-schaar lijkt me geen optie. Hadden we maar een dobbelsteen,” opperde ik terugdenkende aan een eerdere wandeling met een dobbelsteen. Natuurlijk bestaat er een dobbesteenapp. Die downloadde ik en we spraken het volgende af: 1 en 2 is rechts, 3 en 4 is rechtdoor, 5 en 6 is links. Even later liepen we al dobbelend het winkelgebied uit. Heerlijk!
    Ja, ik bedoel maar, vinden jullie het ook altijd zo druk in de binnenstad? Het lijkt de A12 wel, daar is ook bijna altijd file. Al goed, we dobbelden door bekende straten en stegen. Waarbij we onverwacht uitkeken op de daken bij de Strosteeg. We ontdekten de Domtoren vanuit onverwachte hoek en ontdekten het huisnummer 1 is.

Stokje

    ,,Wacht even. De dobbelsteen zegt 4, maar kijk dat hek, hier links. Het staat open en mist een bordje VERBODEN TOEGANG. Ik wil daarheen,” wees ik en vond in Marcel een medewandelaar. Tot zover het dobbelen. Uit die app.
    We liepen het hek door en ontdekten de enorme plataan en kunstwerken in de Abraham Dolehof. We doolden en dwaalden van steeg naar steeg en van binnenplaats naar prachtig doorkijkje op de St. Catharinakathedraal. We staken de Lange Nieuwstraat over en ontdekten verderop de Bruntenhof. Zo liepen we door tot het Spoorwegmuseum en de wijk daaromheen. We zagen zoveel.
    En dan noemen ze ons saai? Echt niet, wij genoten!
    Trouwens, vandaag ontdekten we een nieuwe routeplanner: een stokje. Al schoppend wees de dikke kant ons op onbewandelde paden. Tot ik naast me hoorde:
    ,,Ik ben klaar met dat schoppen van dat stokje. Het is best vermoeiend wandelen.”
    ,,Blij dat jij het zegt: ik voel mijn heup. Kom we lopen naar de Kooikersplas. Die vinden we gemakkelijk zonder app, dobbelsteen of stok. Maar even iets anders: we missen nog een vakantiebestemming, wat denk je?
    App, dobbelsteen of stok?

zaterdag 25 januari 2025

Motorrijles

Met één familielid dat een date-behoefte kent, spreken we in huize Typisch van Valen nog wel eens over de vraag hoe je nou eigenlijk het best datet? Ik moet eigenlijk wel lachen. Wat weten de ouwgies met 34 verkeringsjaren achter zich nou eigenlijk over daten anno 2025? Wij dateten sowieso niet echt. Hoezo denken wij bij te kunnen dragen aan dit succesverhaal? We praten en denken echter vrolijk met zoonlief mee.

Motorrijden

Tot ik ineens bedenk dat we een vragenspel hebben. Hiermee bereiden we Benjamin goed voor op zijn eerstvolgende date. Ik open de spelletjes la en peuter het spel tussen andere spellen uit.
    ,,Tada, hier is VERTELL?S.” Ik duw de la dicht, open het doosje, draai me naar de tafel en pak de eerste kaart. ,,Wat heb je dit jaar niet bereikt dat je wel had willen bereiken?”
    ,,Mijn motorrijbewijs,” antwoordt Benjamin. Celine schrikt wakker uit het eigen wereldje.
    ,,Je motorrijbewijs? Echt?”
    ,,Ja, anders zeg ik dat toch niet?”, verduidelijkt zoonlief. Celine kijkt me ondertussen vragend aan.
    ,,Ja, Celine, ik wist hiervan. Benjamin vertelt mij wel eens dingen waar jullie niet bij zijn. En nee, ik juich niet. Ik vind het idee van zoonlief op een motor best eng.” Stiekem stel ik mezelf ietwat gerust met de gedachte dat hij al motorrijdend altijd zijn leren motorpak draagt. Hij hoorde ons echt wel 80.000.080 keer zeggen hoe suf wij motorrijders in spijkerbroek vinden. Dat klinkt overigens best wel als een goede titel: Motorrijder in Spijkerbroek.

Motorrijles
Ondertussen pakt Benjamin de volgende VERTELL?S vraag. Wij zitten er nieuwsgierig bij.
,,Waar zie je tegenop? Motorrijles.
Waar kijk je naar uit? Motorrijles.
Wat is je grootste wens? Mijn motorrijbewijs halen.
Waar is de tijd rijp voor? Motorrijles.
Hoe zorg je ervoor dat het komende jaar net zo goed, zo niet beter wordt dan vorig jaar? Met motorrijles.
Met welke slechte gewoonte wil je afrekenen? Met mijn motorrijbewijs niet hebben.”

Calisthenics
Je snapt het, we kennen de antwoorden op alle volgende vragen.
    Wat gun jij jezelf? Wat ga je doen of laten om je dromen waar te maken? Waar ga je meer tijd aan besteden? Wat ga je voor het eerst in je leven doen? Waar ga jij jezelf over een jaar mee feliciteren? Op welk gebied wil jij je ontwikkelen? Wat wil je volgend jaar, op dit moment, bereikt hebben? Wat ga je doen dat niemand van je verwacht?
    ,,Gewonnen! Alle antwoorden zijn motorrijles en -rijden gerelateerd. Ik ben zo goed,” zeg ik en steek er mijn tong bij uit.
    ,,Fout!”, roept Benjamin triomfantelijk. ,,Ik ga met calisthenics aan de gang.”
    ,,Kale-wat? Wacht, op welke vraag is dat het antwoord?”
    ,,De laatste.” Waarop ik net als jij even terugkijk naar die vraag.
    ,,Zo, dat is een verrassend antwoord,” zeg ik en schud mijn hoofd verrast.
    Vervolgens legt zoonlief uit dat calisthenics krachttraining is, waarbij vooral gebruikgemaakt wordt van het eigen lichaamsgewicht in plaats van machines en materiaal. Ha, dan heeft hij toch één groot voordeel op veel anderen. Hij weegt maar iets van 65 kilo.
    Ondertussen houdt Benjamin een foto onder mijn neus, waarop een man horizontaal aan een lantaarnpaal hangt. Ja, echt, de lantaarnpaal staat verticaal, de man hangt horizontaal en houdt de paal vast. Ik voel spontaan pijn aan mijn polsen. Sorry voor geen foto, ik vermijd liever gedoe met publicatierechten. Google zelf maar voor een foto ter illustratie.

Sacré-Cœur

Marcel keek over mijn schouder mee en merkt op:
    ,,Dus over twee jaar gaan we naar Parijs.”
    ,,Goed plan, op naar de trappen van het Sacré-Cœur,” zeg ik blij.
    ,,Hoezo?”, vraagt Benjamin met opgetrokken wenkies.
    ,,Om jouw kunsten te vertonen. Weet je nog die artiest die allerlei kunsten deed met een bal met als enige houvast een lantaarnpaal?”, verduidelijkt Marcel.
    ,,Oh ja. Toch maar niet. Ik pak er liever nog wat vragen bij,” lacht Benjamin. ,,Welke gewoonte van het afgelopen jaar neem je mee naar volgend jaar? Sporten,” klink hij resoluut.
    ,,Tja, motorrijles past daar niet, hè?”, lach ik.
    ,,Wat ga je het komende jaar doen voor je gezondheid? Meer sporten. Wanneer je volgend jaar terugkijkt naar je foto’s, welke staat er zeker tussen? Daarop zie je mij met mijn handen op het zadel en mijn hele lijf in zijn volle lengte boven de motor met mijn motorrijbewijs tussen mijn tanden,” klinkt hij trots.
    ,,Wauw, die foto wil ik maken,” zeg ik al vol bewondering.
    ,,Nog één vraag,” zegt Benjamin: ,,Wie of wat is jouw inspiratiebron?”
    Terwijl ik zijn antwoord afwacht loop ik al een beetje naast mijn slofsokken. Ik weet wat hij gaat zeggen? Let op, daar komt het mooiste woord van de wereld.
    ,,Mijn motorrijinstructeur,” klinkt Benjamin resoluut.
    ,,Oh,” mompel ik met vochtige ogen.
    ,,Oké, als hij of zij er niet was, dan was het mama.”

zondag 19 januari 2025

Extreem rechts

In een wereld gekker dan gek en rechtser dan rechts. Wacht even. Rechts kan toch niet verder dan rechts, en links niet verder dan links? Maar zet er ‘extreem’ voor en, tada. Ik zie al voor me dat iemand me de weg vraagt en ik antwoord met:
    ,,Eerste rechts, nee, extreem rechts en dan…" Kun je eigenlijk ook extreem voor- of achteruit? Ik hoor Benjamin al zeggen:
    ,,Natuurlijk mam, kom maar even mee in mijn auto.” Vrooooeeeeemmmm, wiiiiiieeeeeeeee!
    Het mag duidelijk zijn. Ik hou niet van politieke extremen. Er bestaat gelukkig heel wat daar tussenin, maar de extremen lijken te winnen. Wat wordt de wereld er leuker op hè?

Zwaarmoedig
Ik probeer in deze gekker dan gekke wereld met gestoorder dan gestoorde wereldleiders mijn hoofd koel te houden. Want ja, ergens op diezelfde wereld loop ik. Ik die zich zorgen maakt en zoekt naar manieren om extreme zwaarmoedigheid de kop in te drukken. Ik wil me niet laten leiden door angst en onzekerheid.
    Ik denk terug aan die ene nacht. Het was nacht, stikdonker in de nacht... In gedachten hoor ik mijn ouders, zussen en kinderen lachend aanvullen met: ‘…zeven rovers zaten op het randje van de pispot en de hoofdman zei: Het was nacht, stik donker in de nacht. Zeven rovers zaten op het randje van de pispot en de hoofdman zei… Je snapt het, dit verhaal gaat nergens heen.

Oudjaarsavond
Even terugspoelen naar oudjaarsnacht. Of is het nieuwjaarsnacht? Best ingewikkeld hoor. Kijk, oudjaar eindigt op 31 december twaalf uur toch? Dan begint nieuwjaar op 1 januari om één over twaalf met 'Gelukkig Nieuwjaar!'
    Zo kijkend is de nacht van 30 op 31 december oudjaarsnacht. Die bedoel ik dus precies niet. Ik bedoel gewoon oudjaarsavond. Opgelost. De avond waarop het idee van ‘geluksflitsjes’ als vuurwerk ontplofte. Een idee om mezelf (en jou?) te helpen.
    Onder het mom van ik-trek-me-terug-in-mijn-eigen-bubbel-anders-neemt-zwaarmoedigheid-bezit-van-me, richt ik me liever op dagelijkse geluksmomentjes. Geen zorgen, al sluit ik graag mijn ogen voor alle ellende, ik kijk niet niet* het nieuws. Wel dus. Alleen niet de hele dag door en graag het weekoverzicht van RTL4.

Geluksflitsjes
Zo deelde ik op nieuwsjaardag geluksflitsje #1 en hou het vol tot op de dag van vandaag. Mijn socialmedialoze kind-aan-huis die samen met ons het jaar uit- en inluidde zei dat ik het vijftien dagen moet volhouden. Dan lukt de rest ook. Of ze daar een goed punt heeft weet ik niet. Wel ken ik de theorie dat als je 30 tot 40 dagen nieuw gedrag volhoudt, het dan eigen wordt. Dan ben ik met de 20ste op de helft van die theorie.
    Gisteren maakte ik overigens een onverwacht schattig geluksflitsje mee. Ik stond in de hal van de kerk en draaide me om met het idee naar de zaal te lopen. Amper omgekeerd bumpte ik bijna tegen Leo op, een beste wel lange man. Ik keek lachend naar hem op en zei:
    ,,Er zijn ergere dingen waar ik tegen op zou kunnen bumpen.” Waarbij een lantaarnpaal in mijn brein op popte.
    ,,Inderdaad. Dit is gewoon een geluksflitsje, hè?” Mijn mond viel open. Natuurlijk! Als trouwe social media vriend, ziet hij al mijn geluksflitsjes. Blijkbaar geniet hij ervan, want hij haalt het aan. Ik beloof hier en nu dat hij er een keer deel van uitmaakt, een flitsje samen met mij. Deal?

Goedkope therapie
Daarmee garandeer ik een volgend geluksflitsje, maar blijven er nog altijd 345 over. Daarin ligt direct een uitdaging. Hoe origineel blijven? Wat doe ik op een slechte dag? Als ik het echt even niet zie? Oh, wacht, dat is precies de uitdaging. In de poep van de dag, me te richten op iets leuks. Dit is pure therapie, zelf-therapie. Lekker goedkoop vooral.
    Ineens bedenk ik een ander psychisch probleem om hierbij mee te nemen: perfectionisme. Ik raak namelijk binnenkort de tel kwijt. Let maar op. Nu is het nog gemakkelijk: op 19 januari deel ik geluksflitsje #19 en door tot 31 januari. Maar op 1 februari tel ik #32 en daar voorbij. Dat gaat gewoonweg een keer mis. Zie deze perfectionist straks janken als het misgaat.
    Of nee. Dan omarm ik mijn fout. En laat het bestaan. Dan lachen we er samen hard om, goed? Dat komt dat psychische probleem vast ten goede. En zo nail ik twee problemen: zwaarmoedigheid en perfectionisme.

Wegwezen
Blijft er toch één probleem over, waar ik al een paar dagen over nadenk: Moet ik wel op social media blijven? Iets in mij wil niets te maken hebben met plekken waar nep nieuws een podium krijgt. Waar geld lijkt te regeren. Steun ik die miljardairs met mijn social media plekje of verdwijn ik liever?
    Of klink ikzelf nu ineens akelig extreem?


* schrijflesje: dubbele woorden mag niet: maar hier staat het leuk en in mijn blog bepaal ik lekker mijn eigen regels. Jippie jippie! Daarom ook gewoon wat meer uitroeptekens dan toegestaan is.

zaterdag 11 januari 2025

Lang leve de liefde (maar niet heus)

    ,,Er klopt één ding niet in jullie video,” zei Ton stellig. Mijn mond viel open.
    ,,Serieus? Klopt er één ding niet? Welk ding dan?”
    ,,Toen jij onder het dekbed vandaan kwam, had jij je jurk aan.”
    ,,Natuurlijk, je dacht toch niet dat ik in mijn sexy lingerie op YouTube tevoorschijn piep met een luide ‘kiekeboe’? Ze zien me al aankomen met dit 50+ lijf dat qua lengte te kort is voor de breedte die het heeft. Al zou dat beetje sexyness de kijkcijfers goed doen, mij niet gezien.”

achter de schermen
Jacuzzi
Hij vroeg ook nog sinds wanneer Center Parcs jacuzzi’s in de tuinen plaatst.
    ,,Niet,” antwoordde ik. Photoshop kunstenaar Benjamin propte die in de video. In werkelijkheid zaten Marcel en ik op twee stoelen. Dat zie je bij de bloopers. Dat brengt me bij het derde ding dat niet klopt: Pjotr zit met zijn T-shirt in de jacuzzi. Hij vergat die uit te doen, omdat het buiten zo koud was.
    Daar hoorden we niemand over. Ook niet over die toffe gifgroene Audi, waar Johnny in aan kwam scheuren. Niemand vroeg zich af waar die vandaan komt. Dat zeg ik dan lekker ook niet.

Therapeutisch
Tons reactie op onze kersternieuwjaarsvideo was er een van vele. Sommigen raakten niet uitgepraat over hoe leuk ze het vonden. Anderen bewaren de link voor een dipdag. Zo werkt onze groet zowaar therapeutisch. Een vriendin vroeg of ze de link mocht delen met anderen.
    ,,Ja, joh. Kom maar door, we tellen al ruim 37 duizend kijkers. Wat maakt die ene dan nog uit?”
    Ik durf overigens te beweren dat niet iedereen waar ik de link mee deelde, de video bekeek. Sommige mensen blijven opvallend stil. Ik denk dat zij twijfelen bij de thumbnail met de tekst ‘Ik hou van grote tieten' of 'Zijn Anita's tieten groot genoeg?’ Wie weet wat er gebeurt als je op die link klikt? Daarom vroeg ik aan Benjamin die de video editte:
    ,,Stond jij er ook maar even bij stil dat onze predikant deze thumbnail op haar scherm aantreft?”
    ,,Uhm nee,” lachte hij hard.
    ,,Gelukkig kent ze ons. Ze wees ons dan ook niet de kerkdeur.”
    
Check
Toch besef ik dat als mijn vriendin Madelon me dit had gestuurd, ik haar eerst vroeg of de link wel veilig is. Ze zou uiteraard antwoorden met:
    ,,Ja! Je kent met toch?” Waarmee ze een punt heeft. Dus, wie ons kent, weet dat het veilig is, al klinkt het nog zo verdacht. Voor wie denkt, kom maar door met die video, hier de link alsnog of nog eens:


Applaus
Daarbij vraag ik een groot applaus voor Benjamin, onze zoon. Hij werkte zich als cameraman en editor urenlang en behoorlijk in het zweet. Daarna volgt een applaus voor Anita, ik bedoel onze Celine. Een vriend merkte op dat hij een hele andere dochter bij ons verwachtte.
    ,,In Anita zie je weinig Celine. Ze is in het echt veel leuker, echter, knapper en wijzer. Ze dikte nogal wat aan. En heeft in werkelijkheid een kleinere cup-maat, kortere wimpers, smallere wenkies, dunnere lippen, minder eigendunk en is minder arrogant. In alle nep, toont ze zich een uitstekende actrice.”
    Trouwens, in ‘Winter vol Liefde’ ontmoeten we Denise. Zij moet hebben gedacht: zoals Anita is, wil ik zijn, alleen kan ik nog nepper met nep haar. Denise kan zo door voor de jongere zus van Anita, toch?

Pythagoras
De meest hilarische opmerking op onze video en deze vraag klonk echt tig keer:
    ,,Waar komt Pythagoras vandaan?”
    Die is net zo nep als alles aan Anita. Het is een videootje van Envato. Een site waar Benjamin beeldmateriaal vandaan plukt om te gebruiken in zijn video’s. Als je de video cast naar je televisie zie je hoe nep Pythagoras is. Trouwens, de echte Irene kenner, weet toch onderhand wel dat er veel mijn huis in komt, maar een hond? Nooit!

Chantal Janzen?
Tot slot nog één ding: in alle leuk, had ik persoonlijk wel heel veel moeite met één scene. Dat is waar ik Pjotr de huid vol scheld. Beledigd als ik ben, benoem ik even zijn tekortkomingen. Ik zat wel tegenover mijn man hè? Nooit in mijn leven leverde ik zoveel kritiek in zo’n korte tijd aan zijn adres. Je ziet het niet, maar het deed me enorm pijn. Maar ja, hij verdiende het wel, met zijn:
    ,,Je bent geen Chantal Janzen."
    Tututu, dan kan ik hier ook zeggen dat één ding uit mijn tirade wel waar was.
    Zo!
Ps. Abonneer je wel even op onze V-Hub kanaal op YouTube, druk daarbij meteen op de bel en mis geen enkele update. Want wie weet, komen we terug als Pjotr, Patricia, Johnny, Anita en Pythagoras. Of andere neppers.


zaterdag 30 november 2024

Fietshelm

Dat was schrikken! Een man viel out-of-almost-nothing op de grond. Hij schoof over zijn gezicht en vooral zijn neus over het fietspad. Het bloedde behoorlijk. Ik toverde een doek uit mijn fietstas. En vraag me terugdenkend af waarom hij die e-biker van rechts niet registreerde.
    Ze belde. Ze riep. Hij anticipeerde er totaal niet op. Dat bleek dan ook toen hij op het allerlaatst wel remde en even later met een bebloed gezicht weer opstond. Eigenlijk bevestigde hij wat ik al langer denk, maar dat later. Misschien genoot hij zo van de stralen van de zon, de warmte op zijn gezicht. De hele wereld lichtte er van op, van die zon. Tot, bam, de grond erg dichtbij was.

Samenloop
Onwillekeurig denk ik, wat als ik iets eerder was? Ik wil als ik te laat ben wel eens zeggen: ‘Ik ben een kilometer later’. Hier had ik een paar meter vroeger moeten zijn. Dan was dit ongeluk waarschijnlijk nooit gebeurd. Omdat ik in tegengestelde richting van die man fietste, had de vrouw die voor hem van rechts kwam, maar voor mij van links, moeten stoppen voor mij.
    Zo kan je invloed werken. Best heftig, dat besef. Al weet je niet dat je zoiets in de hand hebt.
    Wel heb ik in de hand of ik rechts voorrang geef, wanneer dat moet. Het links-rechts-links kijken stampte ik er bij onze kinderen in. Je kunt maar zo iets over het stuur zien. Bij rijles leerde ik dat al heb je voorrang, je neemt het pas als je het krijgt. Kijk of de ander je ziet.
    In dat geval, bedenk ik dat die vrouw doorhad dat die man niet anticipeerde. Ze riep namelijk erbij. Ze nam haar voorrang, waardoor de man op het laatst schrok en viel. Had ze geremd, dan…
    Laat maar. We kunnen allemaal wel eens wat. Nu krijgen jullie mijn blog. Die zat al in mijn zadel, ik zocht alleen nog de aanleiding. En bam, daar lag die.

Kwartiertje
Onwillekeurig bedenk ik dat iemand ooit opmerkte:
    ,,Jij hebt toch ook een e-bike?” Nee dus. Ik trappel me te pletter op een ouderwetse stadsfiets. Zie me mijzelf in het zweet fietsen. Met flinke tegenwind en regen de brug naar Schalkwijk trotserend voor een interview. Sta ik daar bezweet en buiten adem voor de deur en bel aan.
    Nee hoor, dat was ooit. Nu vertrek ik een kwartier vroeger. Daarmee kan ik de laatste vijftien minuten lopend afleggen en kom fris, fruitig en uitgewasemd aan. Dat is better, much better.

E-bikes
Een e-bike? Die komt er voor nu, bij mij niet in. In de verste kilometer niet. Ik zat een keer op die van mijn vader en schrok me een luide fietsbel. Met één trap op het pedaal, schoot ik meters vooruit. Ineens snapte ik waarom het zo mis kan gaan bij een valpartij. En dat die val harder raakt met meer vaart. Zie ze zoeven.
    Vaak als e-bikers me tijdens mijn gezwoeg inhalen, zitten ze prins(es) heerlijk. Rechtop en kin omhoog op de fiets. Het ziet er zo relaxed en volautomatisch uit dat e-fietsen. Ik mis eigenlijk het kopje thee en een koekje op het stuur. Maar opletten? Ik betwijfel dat.
    Zie mij daarnaast. Voorover gebogen, met mijn benen en bips in volle actie. En mijn rug hupst wat heen en weer in het ritme van mijn benen. Niet alleen zit er meer beweging in mij, het maakt me denk ik ook alerter. Ik heb daar een theorie bij, een Typisch Ireenorietje: Mensen die zich inspannen zetten daarmee tegelijkertijd hun hersenen aan. Daarmee zit er meer energie en alertheid tussen de oren, dan wanneer het gemakkelijk gaat.

Helm

Mijn gelijk hierin, maakt me eigenlijk niet uit. Ik voel me sowieso al niet meer zo veilig. Zelfs niet op de fietspaden van Houten, meervoudig Fietsstad van Nederland. Met name elektrisch vervoer gebruikers op die fietspaden lijken te denken dat ze door sneller te zijn, voorrang hebben. Het glipt er vaak nog net even tussendoor.
    ,,Gek hè, dat het vaker mis gaat,” verzucht ik klagend bij Marcel. Hij is zo’n heerlijke klaagmuur.
    ,,Dan doe je alles toch lopend?”, reageert hij doodleuk.
    ,,Naar Schalkwijk?”
    ,,Oh ja, da’s wel ver.”
    ,,Dus… Jij bent mijn probleemoplosser. Kom maar door.”
    ,,Tja, ik weet het ook eigenlijk niet. Offe, maar dat wil je niet horen.”
    ,,Ik weet het, een fietshelm.” Marcel knikt.
    ,,Maar ja, je krullen hè?” Waarop ik knikkend snif.
    ,,Ik mag mijn krullen niet belangrijker vinden dan mijn veiligheid. Daarom bedacht ik al: als ik overweeg met een helm voor gek te fietsen, dan moet het goed. Goed gek. Ik moet alleen nog wennen aan dat idee. Geef me even. Ik ben wat kilometers later.”
    Ondertussen laat ik Marcel zien welke helmen ik vond.
    Hij kan niet kiezen, jij wel?


zaterdag 23 november 2024

Routepaaltjes

Beste kabouter van Utrechts Landschap,

Nou niet meteen boos worden. Laat me uitleggen waarom ik je ‘kabouter’ noem.
    Weet je trouwens dat mijn zoon vroeger ‘pabouter’ zei? Geen idee waarom hij de ‘k’ niet hoorde, al is er wel meer dat hij (nog steeds) niet wil horen. Voor de rest is deze 23-jarige een heerlijke pabout… zoon. Ik hou van ‘m. Ben trots op ‘m. Maar dat terzijde.
    Waarom ik jou kabouter noem? Nou, ik zie jou en je collega’s nooit in het bos, zoals ik daar ook nooit kabouters aantref. Laat staan bij ons thuis. Omdat ik jullie en kabouters nooit ontmoet, kan het niet anders dan dat jullie één en hetzelfde zijn: Utrechtse Kabouters.
    Zo niet, mijn oprechte excuses. Dan klinkt het vervolgens zo in deze blief*:

Beste meneer/mevrouw, 
    Zie je dat? Ik kan het wel. Grappig, ik zeg altijd dat Nederlands nooit mijn favoriete vak was, maar nu ik dit zo schrijf, herinner ik me ineens dat ik het heerlijk vond als we een opstel, verslag, werkstuk of brief moesten schrijven. Ik verheugde me er altijd op en knutselde de prachtigste verslagen. Terwijl ik het Nederlands als taal intens moeilijk vond en nog vind. Daarom maak zelfs ik die zich ‘tekstschrijver’ mag noemen nog altijd hier en daar een voutje. Hoor me zingen met Rag'n'Bone Man: I’m only human after all.
    Oké ter zake, maan ik mezelf. Ik drijf alweer veel te ver af. Dan nu de echte blief, hou je vast. Ik word serieus. Dat is vies, maar nodig.

Serieus

Beste meneer/mevrouw van Utrechts Landschap,
    Er moet me iets van mijn hart. Hoewel ik vandaag enorm genoot van onze wandeling rondom Landgoed Stameren en het lichte hoogteverschil in de benen voelde, schrok ik van de afwezigheid van de gele streepjes op verschillende routepaaltjes.
    Sowieso kreeg ik het idee dat jullie met verschillende maten, nee, met verschillende palen wijzen. De ene paal stond er groengeel gecoat bij, met daarop de routestreepjes in verschillende kleuren, andere paaltjes straalden deels wit af met en/of zonder routestreepjes. Trouwens, ook jullie prachtige logo, met dat hert, mistte hier en daar of toonde zich zwaar gehavend.
    Wij zagen trouwens meerdere herten. Zo leuk! Een paar staken het wandelpad over en een andere hupste langs de bosrand en heide weg. We herkenden hem aan zijn witte achterste(tje). Ik wenste dat ik ook zo’n...
    Ho! Denk je dat het mij gaat om zo’n wit achterste? Zeer zeker niet!
    Ik wenste dat ik zo'n heerlijk zwierig hupsje en lenigheid in mijn achterste had. Dat zit er bij mij echter niet in. Maar oké, ik geef toe: ik heb een wit achterste. ’s Zomers wil ik heus wel eens zonnebaden, maar hé, nooit in mijn blote b*ps. Bewijsmateriaal heb ik echter niet. Ik zeg altijd maar zo: foto’s die je niet maakt, zijn het veiligst.

Routepaaltjes
Even terug dwalen naar de routepaaltjes: Dat het verschillende soorten zijn, komt onlogisch over. Meer nog, door verschillen in materiaal blijven de routestreepjes wel of niet zitten. Het is dat we de route, voor ons de gele, ook online konden volgen, anders moesten we hier en daar de route gokken of terug lopen. Beide opties dragen uiteraard niet bij aan wandelplezier. Eerder aan afhaken.
    Afijn, waar ik naartoe wil? Ik weet iemand die kan zorgen voor unanimiteit in de plaatjes en de opdrukken. Of in ieder geval iemand met grote kennis over belettering die blijft zitten. En weet je waar die zit? In dezelfde stad als waar jullie landschap naar verwijst: Utrecht. Statsie woar. Lekker dichtbij de Heuvelrug. Hij kan zorgen voor folie met een stevigere of betere lijmlaag die niet loslaat op gecoate ondergrond, ongeacht het weer. Dat bedrijf is RitsRatsReklame en staat al ruim 25 jaar voor kwaliteit. Ze zeggen daar niet voor niets:
    'Routepaaltjes? Op RitsRats kun je Rekenen.'
    Ga naar www.ritsratsreklame.nl. Geen zorgen, ik hoor vanzelf wel of jullie er zaken mee doen. Manlief vraagt bij het aannemen van de klus, mij om mee te gaan, want een wandelende klus? Dat is dus echt helemaal mijn ding.

Mooi weekend verder en tot de volgende blief.
Met giechelende groet,
Irene, die van Typisch Irene.
Logisch toch?

* combinatie van blog en brief = blief.



zondag 6 oktober 2024

Pic de Gleize, Gap

Wat schrijf ik
als woorden schieten
maar tekort
Als zinnen zeggen
maar te weinig
Als beelden beschrijven
maar ontoereikend
De indruk zwaar
eronder
ik


… lees je op Instagram bij foto’s van onze bergwandeling van Col naar Pic de Gleize in Gap. Voor de niet Frans sprekenden: ‘pic’ is bergtop , ‘col’ is het hoogste punt tussen twee bergen. Als ik dat fout heb, do't shoot, zo leerde ik van manlief. Mijn Frans reikt niet verder dan ‘une baguette et s’il vous plait’ en waarschijnlijk schrijf ik dat zelfs verkeerd. Wat telt is dat je me begrijpt, want een check doe ik niet. Ik wil zonder verdere afleiding door, wat al geen koud kunstje is, want mijn gedachten vliegen alweer alle kanten op.

Plattelandswandelaars
Ik pak er even mijn vakantieschrijfsels bij, want wat schreef ik over deze wandeling? Ah kijk:
    Zei ik pauze-dag? Wat is dat? Komt Marcel aan:
    ,,Zullen we deze beklimming naar Pic de Gleize doen? Het moet prachtig en ‘moyen’ zijn.”

Ik herinner me dat ik dacht: ‘Moyen’ (gemiddeld)? Kunnen wij dat aan als korte afstandswandelaars op super vlak land en vergezichten die reiken tot het volgende bos, de snelweg en windturbines in de verte? Ik hou van ons egale landje en het einder dat houvast biedt. Of de kilometers die we in het Hollandse in onze benen propten voldoende zijn voor deze ‘moyen’ bergwandeling in La France, betwijfel ik daarom zeer. Het gaat volgens het boekje om zes kilometer in tweeënhalf uur met een stijging we 443 meter tot de top op 2161 meter.
    ,,We gaan gewoon en ontdekken al doende of we moyenwandelaars zijn,” klonk ik stoer en bond mijn schoenen onder.

Geklingel

De autoroute naar Col de Gleize kwam als boven moyen uit mijn test. Onze camping lag op 800 meter hoogte en de Col op 1691. Per 100 meter stijging toonde de weg zich smaller en haarspelderiger dan mij lief is. Als ik het stuur in handen had, draaide die rechtsomkeert. Gelukkig beheerde manlief het stuur en reed met een zelfverzekerdheid die als het ware de auto deed opbollen hoger en hoger tot de Col waar we onze rugzakken opbonden en go!
    Amper 50 meter op weg, ontdekten we een vrouw die met verf en kwast de omgeving vastlegde. Ik legde haar weer vast op mijn manier. Het zag er zo sereen uit, een gevoel dat de bergen sowieso in me opriepen.
    Per stijgende decameter steeg onze verbazing en verwondering over deze wandeling en op zo’n twee kilometer kwamen we overeen: dit is onze mooiste wandeling ooit. De vergezichten reikten met elke stijging verder en dieper. Het boslandschap maakte ruimte voor ruigere grond en grasland. Gedurende de hele route vergezelde geklingel ons; dan weer dichterbij dan weer verder weg. Tot een kudde runderen met hun logge lijven ons de weg ontnam. Vijf van hen droegen een bel.

Gemis
Op datzelfde moment klonk geknor in mijn buik.
    ,,Lunchtijd!", riep moi.
    We vonden een plek onder een boom met uitzicht op de kudde. Achter ons de helling naar de top, voor ons het dal en in onze handen une baguette. Al gauw vervolgden we met nieuwe energie onze route. Met steilere paden en alleen nog losliggende stenen onder ons, steeg onze concentratie en het gehijg. Dit was dus moyen… en het uitzicht? Fenomenaal!
    Op de foto’s mis je de wind die met je krullen speelt, het temperatuurverschil en de vesten. Die vesten misten wij ook. Dat besefte ik toen mensen met vesten aan ons in omgekeerde richting tegemoet wandelden. Natuurlijk, boven is het kouder. Oeps, vergeten. Dan de kou maar omarmen in de wetenschap dat het op campingniveau ruim 31 graden is.
    Ook mis je op de foto’s de grootsheid en diepte van het uitzicht en de minuscule auto’s in het dal. Eens kijken of ik het in elf woorden weet te vatten:

Bergen
maken stil
ik nietig wezentje
wat dacht ik eigenlijk?
grootheidswaanzinnigheidsverlies


Die is leuk voor ‘hangmannetje’.
    We mogen best vaker op een berg staan, omlaag kijken en bedenken waar we nou toch allemaal mee bezig zijn. Ach nee, ik wil pessimisme over de wereld, mijn uitzicht hier niet laten bederven. En door, want daar…
    Ja, we zijn er, op de pic!
    Stilte
    Allesoverheersende stilte.

Pauzedag

Ik legde een steen. We overwogen door te gaan en er acht kilometer van maken. Maar nee, dit was onze grens, we deden hier al tweeënhalf uur over en moesten nog terug. Bovendien: de route door, droeg het predicaat ‘facile’ (moeilijk). Toch maar niet.
    In mijn vakantieschrijfsels staat:
 
Mooiste
Beklimming ooit
Bijzonderste wandeling gelopen
Uitzicht wonderlijk, stilstaan op
Top

Dan morgen maar pauzedag.

En ik lach, dat is waar ook. Voordat we naar Frankrijk vertrokken, spraken we af, regelmatig een pauzedag in te lassen. Een rustig-aan-dag, want wij neigen naar onszelf uitputten. Gewoon omdat we alles willen zien, de hele omgeving willen kennen, doorpakken. Om vermoeider dan we gingen thuis te komen. Maar vertel eens, hoe blijf je hangen op de camping als de omgeving zo mooi is? Wij kunnen het niet…
    Wij willen alles, nou ja alles?
    Het moyenne.


ps. meer foto's en later vandaag de laatste foto's van deze wandeling.